Een zoektocht naar herkomst, reconstructie en betekenis van een menselijk object

Een krakende trap in de Sint Antoniusstraat in Bergen op Zoom leidt ons naar atelier 13. Een open ruimte met schildersezels, een keukenblokje en schilderdoeken in allerlei soorten en maten. Te midden hiervan bevindt zich een opmerkelijk object: een menselijke schedel, gemonteerd op een houten blok. Geschonken door een van de cursisten dat dient als studieobject. Een anonieme schedel. Ooit een mens van vlees en bloed. Maar wat kunnen we er verder over zeggen?
Overlevering
Via overlevering weten we dat de schedel eigendom was van een regionale schilder uit de die het object als studieschedel gebruikte. Na zijn overlijden kwam het in handen van zijn nicht, waarmee we redelijkerwijs mogen concluderen dat de schedel dateert van voor de 20e eeuw en waarschijnlijk afkomstig is uit de regio West Brabant of Zeeland,
Maar wie was deze persoon? Was het een man of vrouw? En wat kunnen we aan de schedel aflezen zonder gespecialiseerde reconstructietechnieken of DNA analyse?
Observatie
Door te observeren, interpreteren en verbeelden hebben we de schedel bestudeerd en met behulp van moderne AI technieken hebben we een poging gedaan een analyse te maken op basis van uiterlijke kenmerken. Daarbij komen we al snel tot de conclusie dat de schedel met grote waarschijnlijkheid wijst op een vrouwelijk individu. Deze conclusie is gebaseerd op specifieke kenmerken zoals de zwak ontwikkelde wenkbrauwbogen, een hoog en verticaal voorhoofd en een smalle kaak met een afgeronde kin. Hoewel absolute zekerheid zonder bekkenbot ontbreekt, geven deze kenmerken een sterke indicatie.
De leeftijd bij overlijden wordt geschat op 45 tot 60 jaar. Deze schatting steunt onder andere op de mate van slijtage van het gebit en de gedeeltelijke sluiting van de schedelnaden.
De tanden
Vooral de tanden geven inzicht: de duidelijke slijtage duidt op een dieet uit de pre-industriële periode. We komen dan uit op de periode voor 1850. De tanden vertonen duidelijke slijtage wat een directe en typerende aanwijzing is voor het dieet in de pre-industriële periode tussen circa 1650 en 1850. Het dieet in die periode bestond voor een groot deel uit brood en pap. Het brood was grof gemalen en bevatte naast meel vaak ook kleine minerale deeltjes zoals zand of steenresten. Het herhaaldelijk kauwen op dit voedsel met gruis zorgde voor het langzaam maar zeker afslijten van het gebit. Dit type slijtagepatroon werd zeldzaam na de industrialisatie.
Naast de slijtage is er sprake van het verlies van meerdere tanden tijdens haar leven en botresorptie van de tandkassen. De mate van deze slijtage, in combinatie met de conditie van het gebit, is mede bepalend voor de schatting van haar leeftijd tussen de 45 en 60 jaar
Uiterlijk
Uit de vorm en omvang van de schedel kunnen we afleiden dat de vrouw waarschijnlijk klein van postuur was. Vermoedelijk 1.55-1.65 meter hoog. Dat was overigens een gebruikelijke lengte voor vrouwen voor 1900. Verder kunnen we concluderen dat sprake was van een rechte en smalle neus; smalle lippen; een vrij kleine kin en zachte jukbeenderen. Op basis hiervan is het waarschijnlijk dat de vrouw een vriendelijk en niet robuust uiterlijk moet hebben gehad.
De rol van AI en betrouwbaarheid daarvan
De vraag rijst hoe betrouwbaar een reconstructie met AI is. AI kan op basis van de botstructuur (zoals de vorm van de kaak, de positie van de oogkassen en de breedte van de neusbrug) een aannemelijk gezichtsprofiel genereren. De analyse suggereert een ovaal gezicht met een smalle kaaklijn en een relatief rechte neus
Echter, dit vereist een kanttekening: details zoals oogkleur, haarkleur en huidtint laten zich niet uit bot aflezen en blijven een kwestie van artistieke en historische interpretatie. AI biedt dus een zeker fundament, maar de uiteindelijke verbeelding is een ontmoeting tussen wetenschap en kunst.
Van bot naar doek
Op basis van dit onderzoek heeft kunstenaar Mart Franken geprobeerd de schedel weer een gezicht te geven. Het eerste werk toont de schedel in zijn huidige staat: een stilleven van een anatomisch object dat generaties lang in ateliers heeft gediend. Het tweede schilderij is de artistieke reconstructie: het gezicht zoals het er mogelijk heeft uitgezien, waarbij de anonieme schedel weer een menselijke identiteit krijgt.